verklarende woordenlijst
allergeenEen allergeen is een deeltje van een natuurlijke of kunstmatige stof dat allergische reacties kan veroorzaken. Als je allergisch bent voor een bepaalde stof kan dat gepaard gaan met een lopende neus, tranende ogen, jeuk of benauwdheid. Allergische reacties hebben vaak te maken met aandoeningen als eczeem (huidreacties) en astma (reacties van de luchtwegen).
Er zijn heel veel stoffen die allergeen kunnen zijn. Hoe kleiner het deeltje is, hoe kleiner is vaak de kans op een allergische reactie. Een deeltje kan echter ook als een hapteen fungeren. Dat is een deeltje dat is gebonden aan een ander, groter deeltje en daardoor toch een allergische reactie op kan wekken.
astma
Astma is een ziekte aan de luchtwegen. Als je astma hebt kun je een astma-aanval krijgen van prikkelende stoffen of stoffen waarvoor je allergisch bent, bij een verkoudheid of na een zware inspanning. Maar een astma-aanval kan ook ‘zomaar’ voorkomen.
Tijdens zo’n aanval kun je last krijgen van ontsteking en vernauwing van de luchtwegen, waardoor ze prikkelbaarder worden, veel slijm, benauwdheid, hoesten, piepende ademhaling en kortademigheid. Hoe erg de aanval is kan per persoon verschillen. Sommige astma-patiënten hebben nauwelijks last, maar de gevolgen kunnen ook heel ernstig zijn.
binnenmilieu
Het binnenmilieu is de omgeving waarin we ons bevinden als we binnen zijn, bijvoorbeeld thuis, op het werk, in de winkel of op school. Mensen zijn gemiddeld 85% van hun tijd binnen, waarvan ongeveer 70% in hun eigen huis.
Het is daarom belangrijk goed te ventileren. Zo zorg je voor verdunning en afvoer van ongezonde stoffen die in het binnenmilieu aanwezig zijn.
bypass
In een warmtewisselaar wordt koude lucht opgewarmd met de warmte van de afvoerlucht. Dat is met name handig in de winter. In de zomer is het opwarmen van binnenkomende lucht juist niet nodig. De warme binnenlucht zou dan immers nog warmer worden. Een bypass zorgt ervoor dat het in de zomer mogelijk is om lucht toe te voeren om de warmtewisselaar heen zodat de lucht niet verder wordt opgewarmd.
chronische bronchitis
Chronische bronchitis is een vorm van bronchitis die niet meer overgaat en die meestal veroorzaakt wordt door roken. Bronchitis kan worden veroorzaakt door virussen, bacteriën en allergische of aspecifieke prikkels, waarvan roken zonder enige twijfel de belangrijkste is.
De bijbehorende klachten zijn vooral hoesten, overmatige productie van slijm, vaak kortademigheid, kriebel onder de kin, bloedsmaak in de mond en (bij infectie met virussen en bacteriën) ook koorts.
condens
In de eenvoudigste betekenis van dit woord is condensatie het van gas- of damp-vorm overgaan naar vloeibare vorm.
Wanneer warme, vochtige lucht afkoelt, zal de waterdamp in deze lucht condenseren. Dat komt omdat warmere lucht meer water kan bevatten dan koude lucht. Denk daarbij maar aan stoom, waarbij de lucht bijna 100% water bevat, terwijl bij vrieskou de lucht maar heel weinig water kan bevatten (het bevriest dan immers). Dit is goed te zien in een woning als na lang douchen de waterdamp is gecondenseerd tegen de spiegels, tegels en ramen, die kouder zijn.
Condensatie komt voor als de lucht door het koudere oppervlak afkoelt en zodoende het dauwpunt bereikt. Een ander voorbeeld is de dauw, waarbij 's nachts de lucht afkoelt en het water in die lucht condenseert. De absolute vochtigheid in de lucht neemt dus af met de temperatuur, terwijl de relatieve vochtigheid zal toenemen.
convector
Een convector is een andere en betere naam voor wat we meestal een radiator noemen. Een radiator geeft warmte af door convectie: de stroming van gas of vloeistof. Deze stroming komt op gang door verschillen in temperatuur, druk of dichtheid. Rond de aarde, in de aardatmosfeer, is er convectie waar warme lucht van de bodem opstijgt. Op een andere plek daalt koude lucht juist af naar beneden. Convectiestromen zijn dus altijd gesloten.
Convectie wordt in de techniek gebruikt in bijvoorbeeld de convectorput, een vorm van verzonken centrale verwarming. Bij gewone kachels treedt ook convectie op om een ruimte te verwarmen, net als bij radiatoren. De naam radiator zegt eigenlijk dat er vooral warmtestraling geleverd wordt, maar dat klopt niet: het gaat hier juist om luchtstromingen die de warmte door de ruimte verspreiden.
Deze stromingen zorgen er ook voor dat op sommige plekken op een radiator veel stof neerdaalt. Omdat een dikke laag stof de warmte tegenhoudt, is het verstandig om de radiatoren regelmatig schoon te maken.
formaldehyde
Formaldehyde of methanal is een gas met een zeer sterke, onaangename geur. Het is de eenvoudigste organische chemische verbinding. Formaldehyde wordt vaak gemaakt uit methanol met behulp van een ijzer- of zilverkatalysator. Formaldehyde wordt gebruikt in onder andere spaanplaten, MDF, UF-isolatie en textiel (kleding, gordijnen en vitrages).
generiek
Algemeen, niet specifiek.
huisstofmijt
De huisstofmijt (Dermatophagoides pteronyssinus) is een haast onzichtbaar klein diertje (minder dan een halve millimeter groot!) dat in huisstof leeft, met name in matrassen, kussens, meubels, tapijt en op beschimmelde muren.
De huisstofmijt komt overal ter wereld voor, in alle klimaten, behalve op grote hoogte waar hij zich moeilijk kan voortplanten. Het liefst heeft hij een temperatuur van ongeveer 25º Celsius en een luchtvochtigheid van 50 tot 75%. Hij leeft onder andere van menselijke huidschilfers in beddengoed. De uitwerpselen en vervellingshuidjes van de huisstofmijt kunnen gezondheidsklachten veroorzaken bij de mens, zoals allergische reacties (waaronder astma en eczeem). Naar schatting is 10% van de Westerse bevolking allergisch voor de huisstofmijt.
De belangrijkste praktische maatregelen om de huisstofmijt te bestrijden zijn schoonmaken en ventileren. Kleine huidschilfers worden zo opgeruimd en de luchtvochtigheid gaat omlaag.
inducerende roosters
Een goed inducerend rooster betekent dat de lucht die uit het rooster stroomt zich heel snel met de ruimtelucht mengt. Hoe beter het inducerende vermogen van een rooster, hoe kleiner de kans op comfortproblemen.
mechanische ventilatie
Bij decentrale mechanische ventilatie wordt de lucht direct van buiten in de ruimte geblazen. Er zijn uitvoeringen met en zonder warmteterugwinning. Bij een “centraal” ventilatiesysteem wordt de lucht juist op één plaats naar binnen gezogen en dan via kanalen verdeeld door het gebouw.
ventileren
Ventileren is het voortdurend verversen van lucht. Met ander woorden, de verontreinigde binnenlucht kan naar buiten stromen en vervangen worden door instromende minder verontreinigde buitenlucht. Door op een goede, continue manier te ventileren zal de kwaliteit van het binnenmilieu er sterk op vooruit gaan.
verdringingsventilatie
Bij verdringingsventilatie wordt lucht langzaam maar krachtig een ruimte ingeblazen. Hierdoor komt er teveel lucht in de ruimte, waardoor de aanwezige “gebruikte” lucht wordt afgevoerd, meestal door natuurlijke openingen.
vraaggestuurd
Vraaggestuurd betekent dat de hoeveelheid ventilatie wordt afgestemd op de behoefte aan verse lucht in een ruimte. Dat kan op verschillende manieren:
Door voorprogrammering: hierbij wordt de ventilatie met een klok voorgeprogrammeerd.
Met sensoren: hierbij bepalen sensoren de behoefte aan ventilatie. Dit kunnen bijvoorbeeld aanwezigheidssensoren of vochtsensoren zijn. Het meest gebruikt zijn echter de CO2 sensoren.
warmteterugwinning
Van warmteterugwinning bij ventilatie is sprake wanneer de lucht die in een ruimte wordt geblazen, wordt opgewarmd door de warme lucht die uit de ruimte wordt gezogen. Dit gebeurt in een warmtewisselaar waar de koude en de warme luchtstroom elkaar kruisen.
Zelfregelend
Een zelfregelend ventilatierooster corrigeert zelf automatisch de toevoeropening bij toenemende drukverschillen. Met andere woorden: als het harder gaat waaien wordt automatisch de opening verkleind zodat er niet teveel maar juist steeds dezelfde hoeveelheid lucht naar binnen komt. Dit in tegenstelling tot traditionele roosters of klepraampjes waarbij de hoeveelheid lucht zal toenemen wanneer het harder gaat waaien.



Print